Vice-president Haagse rechtbank intimideert advocaten

‘MR WESTENBERG SCHREEUWDE EN SNAUWDE!’

In de zaak die de vice-president van de Haagse rechtbank mr. J. Westenberg heeft aangespannen tegen advocaat Hugo Smit en journalist Micha Kat (zie ook de eedere stukken over deze zaak) heeft zich thans een Rotterdamse advocate gemeld als getuige. Zij heeft een verklaring op schrift gesteld waaruit blijkt dat Westenberg haar telefonisch heeft geintimideerd voorafgaand aan een zitting die hij zou leiden. Deze verklaring is van groot belang, want in de procedure stellen Smit en Kat dat Westenberg advocaten belt voor zittingen en deze intimideert. Westenberg heeft met alle klem ontkend, ook op een zitting in deze zaak, dat hij met advocaten belt. Deze verklaring lijkt thans steeds moeilijker houdbaar. De gedaagden denken zelfs al over een strafrechtelijke aangifte tegen Westenberg wegens meineed.

Hier volgt de verklaring van de advocate uit Rotterdam. We noemen haar naam niet omdat zij dan problemen kan krijgen.

In het verleden heb ik aan journalist M. Kat die veel over de advocatuur schrijft gemeld dat ik ongeveer tien jaar geleden rechter Westenberg heb gewraakt. Vervolgens heeft Westenberg en daarna zijn griffier telefonisch contact met mij opgenomen.
Thans wordt onder andere M. Kat door Westenberg gedagvaard aangezien mr. Smit in een interview tegen Kat gezegd zou hebben dat Westenberg rechtstreeks contact met Smit zou hebben opgenomen in een lopende procedure. Westenberg ontkent dat hij rechtstreeks contact opneemt met advocaten.
Inmiddels heb ik de dossiers van toen uit mijn archief gelicht. Duidelijk blijkt uit diverse correspondentie dat ik in 1995 en 1996 Westenberg inderdaad heb gewraakt. Vervolgens heeft Westenberg mij gebeld doch ik was niet op kantoor. Toen ik op kantoor kwam waren de secretaresses nerveus want een rechter had al tien keer gebeld en moest mij perse spreken. De rechter was heel dwingend geweest. Ik heb toen met Westenberg gebeld en werd zeer intimiderend te woord gestaan. Hij zou over mij gaan klagen bij de Orde als ik de wraking niet zou intrekken en zou er verder wel voor zorgen dat het mij moeilijk gemaakt zou worden om als advocaat te opereren. Westenberg schreeuwde en snauwde en ik heb teruggesnauwd (inderdaad heb ik, net als Westenberg, hetzelfde stemvolume gebruikt. Ik kan er namelijk zeer slecht tegen als ik geintimideerd word) dat ik mij door niemand laat intimideren en dat als ik goede gronden heb een rechter te wraken in het belang van mijn client dat ik dat dus zal doen. Punt. Overigens was dit de eerste keer dat ik een rechter wraakte en dit is tot op heden beperkt gebleven tot twee keer. Daarna was het gesprek met Westenberg ten einde. Even later werd ik gebeld door zijn griffier waarvan ik de naam niet meer weet. Het was een jonkheer, zo kan ik mij herinneren. Deze liet mij op zogenaamd beschaafde toon weten dat ik toch maar moest uitkijken (of iets van die strekking) als ik de wraking niet zou intrekken. Ik heb ook aan de griffier laten weten dat ik niet zomaar een rechter wraak doch in het onderhavige geval van mening was dat daar alle reden toe was. Einde van dit gesprek. Ik heb dat allemaal nog bevestigd per fax aan Westenberg doch kan die fax helaas niet meer vinden. Wel weet ik natuurlijk zaaksnaam en rolnummers. Overigens is de wraking later ingetrokken, niet vanwege de dreigementen van Westenberg of zijn griffier, maar omdat de kwestie zelf minnelijk is geschikt.
Ik ben dit voorval nooit vergeten. Als ik toen had geweten dat ik mij over dergelijk gedrag van een rechter had kunnen beklagen bij de procureur generaal dan had ik dat waarschijnlijk gedaan. Ik ben echter meer geinteresseerd in het belang van mijn clienten en dat is waarschijnlijk ook de reden waarom ik daar in het verleden geen werk meer van gemaakt heb.
Tenslotte wil ik nog opmerken dat ik thans 18 jaar advocaat ben. In totaal heb ik buiten de rechtzaal om 4 of 5 keer rechtstreeks met een rechter telefonisch contact gehad. Westenberg was de eerste rechter. De andere keren was omdat de (vice) presidenten van een rechtbank vragen hadden over een beslagrekest dus dat was gewoon informatief en zakelijk. Ik wil met deze alinea duidelijk maken dat het beslist zeldzaam is dat ik met rechters rechtstreeks contact heb. Mede daarom is het voorval met Westenberg mij waarschijnlijk zo bijgebleven.

Print Friendly, PDF & Email
Share