DE VERKLARING VAN JOHN MOELEKER

“ALS DE KLACHT DOOR DE SG EN DE PLAATSVERVANGEND SG TERZIJDE IS GELEGD, WIE BEN IK DAN NOG?” * ‘VERANDERMANAGER’ OP JUSTITIE VERKLAART GLASHELDER EN SPIJKERHARD * NAUWE SAMENWERKING TUSSEN AD EN STICHTING DE ROESTIGE SPIJKER

hansbakker

John Moeleker werkte jij Justitie van 1989 tot 2005 als ‘verandermanager’. Op 21 maart 2014 legde hij bij de notaris een verklaring vast over Joris Demmink. “Ik ben vader van twee kinderen en heb twee kleinkinderen. Nadat ik was benaderd door Ben Ottens van De Roestige Spijker (DRS) besloot ik tot deze stap.” Moeleker werd in december 2013 door Ottens gebeld. Er volgde een gesprek. Later volgde nog twee gesprekken in aanwezigheid van Koen Voskuil van het AD. “Ottens wist dat ik iets zou kunnen verklaren over Demmink. Ik vertelde hem toen het verhaal dat ik later bij de notaris heb laten vastleggen. Nee, ik vond het niet vreemd dat het AD en DRS samen optrokken”. Moeleker viel onder Ger Danner, directeur Algemene Zaken. Hieronder viel ook Hans Bakker en zijn chauffeurs-dienst. De verklaring luidt als volgt: Ik zat in 2000 op de kamer bij Danner toen Hans Bakker kwam binnenvallen. “Ik moet je storen” zei hij. “Rob Mostert heeft een klacht ingediend tegen Joris Demmink. Hij moest met de rug naar het stuur gaan zitten op de motorkap van de dienstauto terwijl Demmink seks had op de achterbank met een jongenshoer uit het Haagse Bos.” Bakker gaf aan ‘de klacht van Mostert te begrijpen’ Ger Danner zei dat hij met dit verhaal naar SG Borghouts zou stappen. Later zei Danner: “Mostert is inmiddels overleden aan een hartaanval of iets dergelijks.” Hiermee kwam de klacht te vervallen.

“Ja, ik heb ik verklaard naar de volledige waarheid. Ik heb de uitzending gezien van Pauw & Witteman waarin Bakker zegt dat hij ‘nooit iets heeft gemerkt of gezien’ van kindermisbruik door Demmink. Maar ik kan alleen verklaren wat ik zelf heb megemaakt en daarvan ben ik volstrekt zeker. Ik heb de verklaring op de notaris laten vastleggen op verzoek van Koen Voskuil.”

Moeleker geeft aan Demmink nooit te hebben ontmoet of gesproken. Hij kende hem wel. “Normaal zou zijn dat Demmink gedurende de loop van het onderzoek zou zijn geschorst. In vergelijkbare gevallen gebeurde dat. In de periode na het overlijden van Mostert is er nooit meer over diens klacht gesproken of eraan gerefereerd. Ik heb er ook niets meer mee gedaan. Als door de SG en door de plaatsvervangend SG wordt gezegd dat de klacht terzijde is gelegd, wie ben ik dan om nog wat te doen? Maar de hele gang van zaken verwonderde mij wel en doet dat nog.”

Print Friendly, PDF & Email
Share