BELEDIGEN BEATRIX, NIEUW RECHTSGEBIED

ANALYSE VAN VIJF STRAFZAKEN OVER BELEDIGING EN BEDREIGING VAN ONS STAATSHOOFD OP INTERNET * HIEROVER SCHRIJVEN MSM NOCH DE WETENSCHAPPELIJKE JURIDISCHE MEDIA * WAAROM MOET DIT EEN TABOE ZIJN? IS HET ANGST VOOR ME TOO-GEDRAG?

Eerst de feiten. In 2008 werd een 45-jarige man uit Dordrecht veroordeeld tot vier maanden cel. In december 2011 was er de zaak van Hans Timp die op deze site eerder aan de orde kwam. Timp kreeg een ‘Lensinkje’: geen proces maar dwangbehandeling. Hier de uitspraak. De rechtbank legt de verdachte de maatregel van plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis voor de duur van maximaal één jaar op. In april van 2012 werd een 31-jarige man uit Vlijmen gearresteerd wegens ondermeer doodsbedreigingen aan Beatrix. Over zijn straf hebben we (nog) niets kunnen vinden.

In juli 2012 was een ‘failliete binnenschipper’ de sigaar. Hij kreeg 3 maanden cel (2,5 voorwaardelijk) en 80 uur dienstverlening. Een maand later, in augustus 2012, was er de spectaculaire zaak van een 48-jarige man uit Valkenswaard. Hier de uitspraak. Hij kreeg een straf van zes maanden voorwaardelijk met de bijzondere voorwaarden -kort gezegd- reclasseringstoezicht, meewerken aan een ambulante behandeling van de geconstateerde stoornis, een alcoholverbod, en een verbod om tussen 00.00 uur en 08.00 uur gebruik te maken van internet en sociale media voor: 1. bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht (bedreiging van de Koningin) 2. opzettelijke belediging van de Koning.

Wat allereerst opvalt is dat deze zaken en processen zich geheel onttrekken aan de publieke arena en geen enkele aandacht krijgen in de MSM en de juridische vakpers. Dat is levensgevaarlijk en nog maar een kleine stap verwijderd van de ‘geheime rechtbanken’ waarover wel wordt gesproken in Engeland en de VS voor de berechting van terroristen. Ten tweede is er natuurlijk de psychiatrisering. Hier dient de vraag zich aan: waarom moet iemand die het staatshoofd bedreigt e.o beledigt in de dwangbehandeling, maar iemand die dat doet bij zijn buurman niet? Aan de ene kant is het begrijpelijk dat er zwaarder wordt getild aan belediging van het staatshoofd dan aan dat van de buurman, maar aan de andere kant zou je ook kunnen zeggen dat het staatshoofd vanuit de aard van haar functie en functioneren vatbaarder is voor dit soort teksten dan een gewonen burger en het een en ander zou moeten kunnen ‘dulden’. De vraag is dan: waar moet die grens komen te liggen? Doodsbedreigingen moeten duidelijk worden vervolgd en bestraft, maar een opmerking als ‘over het nazi-paard getilde sataniste’ zou weer net binnen die grens kunnen vallen. We vragen ons tevens af of er eigenlijk ooit wel zaken voor de rechter zijn gebracht waarin andere personen dan het staatshoofd zijn beledigd e/o bedreigd op internet. Mijn strafzaak van 19-2 zou ik hier los van willen zien, omdat het bij mij gaat om journalistiek werk. Enfin, dit zijn zo wat rechtsgeleerde overwegingen. We horen graag jullie mening.

Print Friendly, PDF & Email
Share